‘Bedrijven te afhankelijk van externe watervoorziening, begin met een waterscan’

De beschikbaarheid van drinkwater staat onder druk, mede door een structureel hoog verbruik bij bedrijven en consumenten. ‘Water is te vanzelfsprekend geworden. Veel bedrijven denken dat ze drinkwater nodig hebben, terwijl drinkwaterkwaliteit vaak volstaat. Dat is namelijk niet altijd hetzelfde, begin daarom met een waterscan’, stelt André Mepschen van de Water Alliance.

De bewustwording ontbreekt volgens Mepschen niet alleen bij huishoudens, maar zeker ook in de industrie. ‘In Nederland gebruiken we gemiddeld rond de 130 liter drinkwater per persoon per dag. Dat is veel. Tegelijkertijd ligt er een Nationaal Plan Drinkwaterbesparing, waarin wordt gestuurd op 100 liter per persoon per dag in 2035. Voor bedrijven geldt een doelstelling van 20 procent minder waterverbruik ten opzichte van de periode 2016–2019.’

Voor veel bedrijven voelt water nog steeds als een vanzelfsprekende grondstof. ‘De kraan gaat open en het is er. Zeker bij mkb-bedrijven ontbreekt vaak de specifieke kennis om kritisch naar waterstromen te kijken. Grote concerns hebben eigen specialisten, maar bij kleinere en middelgrote fabrieken wordt waterbeheer vaak uitbesteed of simpelweg als bijzaak gezien.’

Onbenut besparingspotentieel

Volgens Mepschen ligt daar een groot onbenut besparingspotentieel. Zijn eerste advies: laat een waterscan uitvoeren. ‘Een waterscan brengt in kaart waar in een fabriek water wordt gebruikt, in welke hoeveelheden en met welke kwaliteit. Je ziet waar het water binnenkomt, waar het naartoe gaat en hoe het de fabriek weer verlaat. Pas als je dat inzicht hebt, kun je gericht optimaliseren.’

Zo’n scan hoeft geen enorme investering te zijn. ‘Er bestaan eenvoudige waterscans, maar ook uitgebreidere varianten waarbij je meerdere dagen meet en echt inzicht krijgt in pieken, kwaliteit en mogelijke hergebruikstromen. Juist die eerste analyse levert vaak al verrassende inzichten op.’

Drinkwaterkwaliteit

Een belangrijk punt dat Mepschen daarbij steeds benadrukt, is het onderscheid tussen drinkwater en drinkwaterkwaliteit. ‘Veel bedrijven denken: ik heb drinkwater nodig. Maar in werkelijkheid hebben ze vaak alleen water van drinkwaterkwaliteit nodig. Dat is iets anders. Die kwaliteit kun je in veel gevallen zelf realiseren.’

Dat kan bijvoorbeeld door stromen gebruikt water op te waarderen of oppervlaktewater te zuiveren. ‘Het is technisch allemaal mogelijk. Je kunt proceswater hergebruiken, effluent verder behandelen of zelfs uit afvalwater ultra-puur water maken voor bijvoorbeeld stoomtoepassingen. Het vraagt een investering en je trekt meer verantwoordelijkheid naar jezelf toe, maar je krijgt er ook iets belangrijks voor terug.’

Droge perioden

Die winst zit volgens Mepschen vooral in robuustheid. ‘In droge perioden neemt het risico toe dat drinkwaterbedrijven minder kunnen leveren aan de industrie. Als je dan volledig afhankelijk bent van extern drinkwater, ben je kwetsbaar. Met een eigen voorziening of hergebruik van waterstromen creëer je zekerheid voor de toekomst.’

Daarbij gaat het niet alleen om waterbesparing. ‘Kijk breder naar je proces. In afvalwater zit vaak nog restwarmte, energie, chemicaliën of productwaarde. Als je dat allemaal als afval ziet, mis je kansen. De eerste 10 tot 30 procent waterbesparing is technisch gezien helemaal niet zo moeilijk. Als we dat met z’n allen doen – thuis én in de fabriek – hebben we een groot deel van het probleem al opgelost.’

Deze Brand Story verscheel eerder op Industrielinqs.nl.